17a. Drikske en Lieske van de Wall-Feron in hun nieuwe café

18a. Anneke, dochter van Drikske en Lieske van de Wall-Feron; 1935

18b Jeu Franssen; 1950

19c. Fina Mullens en Martin Verjans

19d. Martin Verjans met zoon Pierre (Piet).

19b. Familie Verjans met schoon- dochters en zoons en eerste kleinkind; begin 40-er jaren

19f. Pierre (Piet) Verjans op het bruggetje over de Keutelbeek.

19e. Linker kant van de tafel Pierre (Piet) Verjans

Foto 19c, 19d, 19e, 19f zijn mij toegezonden geworden door een kleinzoon van Fina en Martin Verjans Mullens, namelijk Matt Verjans woonachtig in Canada.

20. Maré enSjang Janssen-Janssen met hun hond Prins; 1950

20c. Fina Verjans-Mullens en Maré Janssen-Janssen, overburen

20b. Luif met schuur van boerderij van Sjang Janssen

Een huis verder aan dezelfde zijde woonde Sjang en Tina Kubben-Hoenen (21). Sjang (Jan Mathijs), landbouwer, mijnwerker, caféhouder, woonde hier samen met zijn dochters Plien, Maj en Antenie (21a). Tijdens de eeste jaren van zijn huwelijk woonden ook bij hen in zijn oom Michiel Kubben, schoonbroer Hubert Hoenen en schoonzus Anna Maria Sibilla Hoenen. Hier lag vroeger, in die tijd dat Sjang hier een café had, een beugelbaan. Beugelen was in vroegere tijden een populaire sport. Sjang's jongste dochter Antenie huwde Pie Scheijen. Pie was mijnwerker op Staatsmijn Maurits. In zijn jeugdjaren had hij nog tijd voor zijn voetbalsport te Kraonkel en Neerbeek (V2). Pie en Antenie kregen vijf kinderen (21b/21c).

21a. Sjang Kubben met zijn dochters Plien, Maria en Antenie.

21c. Haj en Marietje Scheijen; 1957

De volledige tekst zoals deze in de krant van 1963 stond.


Zelf poetsen, zelf koken, zelf koeien melken…


Huishouden
van blinden


Mina en Hubert Sassen in Spaans Neerbeek behelpen zich zonder andermans hulp in hun huisje...


Ze hadden ons gezegd dat in Spaans Neerbeek een blinde broer en zuster bij elkaar wonen. Men vertelde erbij, dat ze zonder hulp van anderen geheel zelfstandig hun huishouden voerden. Het leek ons de moeite waard dit eens te onderzoeken. We wisten wel ongeveer waar het zijn moest. Na informatie in een café kregen we aldra meer te horen over deze mensen. Het was dus werkelijk waar: een blinde man en vrouw woonden reeds jaren in hun huis en deden hun werk zonder hulp van anderen. We zaten te praten met de kasteleinsvrouw toen ze plotseling naar buiten wees. ,,Ziet u,, zei ze, ,,daar hebt u de vrouw,.
We keken naar buiten en zagen aan de overkant een oud vrouwtje, dat met haar handen over de ruwe stenen van de stoep streek en het onkruid uittrok. ,,Dat is Mina Sassen,, zei ze, ,,en haar broer heet Hubert,.
We hebben gewacht totdat het vrouwtje weer de poort binnen ging en liepen toen mee naar binnen. Onder de poort bevond zich een kraan. Daar stond ze bij. Het water stroomde in een emmer en maakte zo'n lawaai, dat we vreesden ons niet verstaanbaar te maken: dus wachten we totdat hij vol was. Automatisch draaide de vrouw de kraan dicht. We kwamen nader. De vrouw keek op en staarde ons met haar levenloze ogen aan. ,,We wilden u graag spreken,, zeiden we.

Waarom?

De vrouw keek in onze richting alsof ze de bedoelingen wilde peilen van wie daar stonden. Dat kan, zei ze tenslotte, maar waarvoor is het? We zeiden, dat we eens wilde zien hoe ze het maakte met haar broer en dat we daar iets in de krant over wilde schrijven. Ze vond het eigenlijk te vreemd dan dat ze aanstonds haar toestemming gaf. ,,Wat is daarover te schrijven?? wilde ze weten. ,,Nou,, zeiden we, ,,u bent een voorbeeld voor andere mensen. U leidt toch maar een heel huishouden ondanks uw gebrek. Dat spelen niet veel mensen klaar. Ze lachte even. We liepen naar de deur van het huis. Ze bleef dralen. Pas toen we vóór haar de drempel opgingen was het goed. We maakten de deur open en traden binnen.
,,Pak u maar 'n stoel,, zei ze. Zelf liep ze aanstonds naar de meest verwijderde stoel terwijl ze met haar hand omzichtig over de tafel streek. Daar, aan de rand van de stoel en de tafel, bleef ze staan. Zitten ging ze niet. Ze keek ons voortdurend met haar niets-ziende ogen aan.


Moeilijk kwam het gesprek op gang. De vrouw vond het toch maar eigenaardig dat ze liefst twee mensen van de krant op bezoek had. Ze begreep er eigenlijk niets van. Daarom informeerde ze nogmaals wat wel eigenlijk de bedoeling was. ,,Moeten jullie altijd dat werk doen??, vroeg ze, ,,en komen jullie overal bij de mensen??. Toen we haar hadden verteld, dat we de hele dag niets anders deden werd ze een beetje geruster. We kwamen te weten dat zij 72 jaar oud was en haar broer Hubert 74. Ze werd in Krawinkel geboren; nu woonde zij dan in het huis van haar ouders die later naar Neerbeek waren verhuisd. Ze is de hele dag in de weer. Poetsen is haar liefhebberij. Verder moet ze twee koeien melken, die Hubert verzorgt. Hubert is op het veld. We merken, dat ze het feit van haar blindheid zo min mogelijk ter sprake wil brengen. ,,we hebben het altijd gehad,, zegt ze. Het komt eigenlijk meer van de zenuwen:. Vol trots vertelt ze dat ze alle mogelijke soorten werkzaamheden kan verrichten. Ik zou eigenlijk niet weten, wat ik niet kan, zegt ze.


Schilder

Ze vertelt dat de vorige week de schilder in huis geweest is. We kijken rond in het vertrek met de witte muren. Alles staat op zijn nauwkeurige plaats. Er is niets in de kamer wat niet voor eeuwig zijn vaste bestemming gekregen heeft. Op de schoorsteenmantel staat een beker naast een koekjesdoos. Daarnaast liggen weer de lucifers en dan is er een kruis met kaarsen. Het fornuis is glad geschuurd. Er staat hoogstens één ketel op. ,,Ik kook alles zelf,, zegt Mina Sassen. Het bed is in de muur ingebouwd. Vóór de alcoof hangt een gordijn. Een kat ligt op het bed. Het plafond is van donker zwaar eikenhout met grote dwarsbalken. ,,Ik moet de gevel van het huis ook nog laten opschilderen,, zegt ze, ,,want binnenkort trekt de processie langs. De mensen uit de buurt hebben haar gezegd, dat het niet nodig is, want het huis zit nog keurig in de verf. Elke zondag gaat ze naar de kerk, naar de mis van half zeven. Over de brug naar Neerbeek. Om zes uur moet ze weggaan. Mevrouw Janssen, haar overbuur, brengt haar altijd. Hubert gaat achterop de fiets van iemand van de familie Janssen zitten en rijdt zo naar de kerk. De familie Janssen is de grote steun voor Mina en Hubert Sassen, in alle opzichten. Mina vertelt dat ze onlangs in het ziekenhuis gelegen heeft in Sittard. ,,Alle mensen van Spaans Neerbeek kwamen me opzoeken,, zegt ze. De familie Janssen kwam zelfs met 5 man.
Ze zegt dat ze zich nog flink gezond voelt. ,,Ik kan nog zo goed overweg alsof ik 25 jaar ben,, zegt ze. Als er brieven komen leest de postbode ze haar voor. Ze kent ze allemaal; de slager, de melkboer, de bakker. ,,Ik heb nooit wat gehad met iemand,, zegt ze, ,,en iedereen kent ons?. We schuifelen langzaam de deur uit. Buiten aan de poort valt verblindend het zonlicht op de stenen en op het gras.

Aan de overzijde, tussen Sassen en Verjans, liep een voetpad of 'gats' naar het Cleenveltje. Rechts hiervan lag het huis van Martin en Fina Verjans-Mullens (19). Martin, geboren te Sittard, stucadoor, werkzaam op de Staatsmijnen, huwde Fina Mullens welke hier geboren was. Zij hadden vijf kinderen, Martin (Sef), Maria, Pierre, Lies en Harie (19a).

Gedachten wandeling 4 Gedachten wandeling 5 Michel Pinxt Spaans Neerbeek

16a. Hoebaer Sassen en Louis Janssen op weg naar de kerk; 1952

16c. Hoebaer Sassen; 1955

16b. Mina Sassen en Maj Janssen; 1952

Aan de rechterzijde en aangebouwd lag de boerderij van Hoebaer (Jan Willem Hubert) en Mina (Maria) Sassen (16). Beide , broer en zuster werden geboren te Krawinkel-Geleen respectievelijk 21 augustus 1884 en 9 maart 1887 als kinderen van Jan Nicolaas Sassen en Maria Sibilla Buskens. Mina en Hoebaer waren beiden van kindsaf blind (niet blind geboren). Rond de eeuwwisseling verhuisden zij naar Spaans-Neerbeek. Het gezin bleef rampspoed niet bespaart. Nadat hun vader hun al vroeg ontviel, overleed hun moeder zondagmorgen 25 december 1917 plots tijdens de H. Mis in de kerk te Oud-Geleen. Zij waren meer bekend onder de naam Mina en Hoebaer Claessen (naar hun vader). Zowel Hoebaer als Mina hadden, misschien juist vanwege hun blindheid, zeer hoog ontwikkelde zintuigen. Nooit heb ik gehoord of gezien dat ze zich ergens tegenop liepen. Ze kenden het dorp , spreekwoordelijk, als hun broekzak. Hoebaer zou bijvoorbeeld mooit met zijn kruiwagen de steeg bij Sjang Kubben niet vinden, terwijl hij hooguit een meter breed was. Deze weg ging hij dagelijks naar zijn stukje land op de Koppelberg. Met Mina was het niet anders gesteld. Opmerkelijk was dat zij alle bewoners van Spaans-Neerbeek, zowel kinderen als ouderen, aan hun lopen en spreken kende. Dit laatst was vaak zelfs overbodig, zoals ik zelf eenmaal tot mijn eigen verbazing bemerkte. Eens begroette zij mij , terwijl ik nog niets gezegd had, door te vragen 'Bis doe de jongste jong van Sjeng Hamers'. Ik ben overtuigd dat velen eenzelfde ervaring hadden. Onvergetelijk was het beeld van Hoebaer zoals hij 's zondags, achterop de fiets van Louis Janssen gezeten, naar de kerk te Neerbeek ging. Van deze fietstochtjes genoot hij zichtbaar. Mina beperkte zich door op een veiliger wijze hand in hand met Maj Janssen dezelfde weg te gaan (16b). Op weg naar de kerk vroeg zij wel eens aan Maj wat de andere vrouwen droegen. Huiswaarts gaande complimenteerde ze dan diegene die een mooie nieuwe jas of jurk droeg. Als de vrouwen huiswaarts keerden liepen ze veelal arm in arm. Zelfs vaak met zovelen dat ze bijna de gehele wegbreedte nodig hadden. De volgende anekdote vertelde mijn vader eens. Het was in de jaren twintig en het was kermis te Kraonckel (Krawinkel). De jeugd wilde Hoebaer ook wel eens een plezierige kermis bezorgen. Men had iets op touw gezet met de jeugd van Kraonckel, die Hoebaer immers ook allen kenden. Die avond kwam het tot ongeregeldheden in een café. Het ontaarde in een fikse vechtpartij, waarbij Hoebaer zich niet onbetuigd liet. Na afloop, op weg naar huis, zei hij glunderend en zelfvoldaan: ' Die hebbe vér het ins flink gegeven'. Voor niemand anders in het gehele dorp is de onteigening en afbraak zo indringend geweest als voor hun beiden. Zij overleden, niet lang erna, met het dorp.

15b. Bruiloft Loreng Vranken en Jeanne Clerx; v.l.n.r. heeroom Clerx, neomist Sef Clerx, ouders van de bruid Pieter en Maria Elisabeth Clerx-Kallen, Jetje Clerx, bruidspaar, -, moeder bruidegom, Marieke Clerx-Nijsten en Clerx; 2e rij vierde van links: Bertha Clerx, zesde van links: Mia Clerx, geheel rechts: Hoebaer Clerx

15a. Pieter Clerx en zijn vrouw Maria Elisabeth Kallen samen met hun knecht Sjeng Wijnands met paard op de luif; 1920

Aan de overzijde van straat en beek lag de oude boerderij van Pieter en Maria Elisabeth Clerx-Kallen. Hun oudste zoon Sef (Jan-Joseph) werd Pasen 1938 tot priester gewijd (15) en door de jonkheid met een paardenstoet afgehaald. In latere jaren is hij tot deken van Brunssum benoemd. Verder kregen zij nog de kinderen Bertha, Jeanne, Jacob-Anton die jong overleed, Mia en Jetje. In de beginjaren van hun huwelijk werden zij bijgestaan door de knecht Sjeng (Jan Jacob) Wijnants, afkomstig van Tilleur (B), die bij hen inwoonde (15a). Sjeng werd in latere jaren politieman te Geleen. Ook de dienstmeisjes Marie Vossen en Anna Maria Janssen woonden op de boerderij. Voor de aanleg van het mijnspoor werd hem weide onteigend. Midden jaren twintig liet Pieter een dubbele woning bouwen die hij verhuurde (9 en 10). Jeanne, dochter van hen, huwde met Loreng Vracken uit Wolder (15b). Zij namen de boerderij, waar hen zes kinderen geboren werden, over van haar ouders(15c). In 1960 ging deze boerderij bij een brand verloren en bouwden zij hier een nieuwe boerderij. Na de onteigening van Spaans-Neerbeek verhuisden zij naar Neerbeek.

14d. Gezin Funs en An Philips-Kitzen; v.l.n.r. Mia, Martin, Ton, moeder An, Wim, Jos, Louisa, vader Funs, John en Elly; 1955

14a. Het echtpaar Martin Philips [1869-1928] en Sibil Kubben met hun dochter Bertha; 1909

14b. Kinderen Philips-Kubben; boven Louis en Sef; voor Maria, Funs en Twan; 1925

De volgende boerderij (14), vast aanliggend, bewoonden Martin en Sibilla Philips-Kubben. Martin en Sibil, welke respectievelijk te Beek en alhier geboren waren, huwden in het begin van deze eeuw. Zij worden ook genoemd bij onteigeningen van percelen t.b.v. van de aanleg van het mijnspoor. Bij hen inwonend waren haar vader Pér Pieter Frans) kubben (1843-1930) en hun zeven kinderen Bertha (14a), Pieter Joseph Leo, Louis, Sef, Maj, Funs en Twan (14b). Ook woonde en werkte bij hun de vijftienjarige dienstknecht Jan Christiaan Eusink uit Maastricht. Bertha woonde na haar huwelijk (14c) met Sjang Cals te Lutterade-Geleen. Maj, ongehuwd, woonde korte tijd hier, waarna zij dienstmeisje werd bij de familie Schrijnemakers te Oud-Geleen. Sef woonde hier later in bij het gezin van zijn broer Funs met Anna Kitzen en hun acht kinderen (14d).

13b. Harie en Betje Cals-Feron met hun zoon Pit en dochter Mia; 1958

13a. Bruiloft Cals-Feron; bovenste rij: v.l.n.r.: -, Betje Hamers, broer bruidegom, -, Sjeng Hamers, broers bruidegom; middelste rij: Pie Feron van Neerbeek (broer bruid), -, broer bruidegom, Harie Cals en Betje Feron, -, -, -; Mina Wouters-Feron, moeder van de bruidegom Cals-Schutgens, moeder Sibil Feron-Feron en Betje Hamers-Feron;onbekende kinderen, oktober 1928

In de naastliggende boerderij (13) woonde Theodoor en Sibil (Maria Sibilla) Feron-Feron. Hij was geboortig van Krawinkel en zij was hier geboren als tweede dochter van de reeds eerder genoemde Jan Feron en M.C.E. Penris. Uit het gezin Feron werden geboren Pie (Pieter Wilhelm), landbouwer, gehuwd met Maria Pilomena Janssen welken woonden Dorpstraat te Neerbeek: Jan bakker, melkverkoper, landbouwer, huwde met Maria Hubertina Paulina Demacker: een zoon Pieter Mathijs die jong overleed: Maria Elisabeth welke huwde met Harie Cals en na haar ouders dood bleef wonen: een zoon Pieter Wilhelm die jong overleed: Maria Johanna welke 29 jaar ongehuwd overleed en als jongste Andreas Hubert welke huwde met Maria Elisabeth Otten. Zij woonden korte tijd hier en verhuisden later naar de Pesch in Geleen. Harie (Hendrik Jan) Cals, huwde met Betje Feron(13a). Hun beide kinderen Pitje (Pierre) en Mia (Maria Elisabeth)(13b), die inmiddels gehuwd was met Servé Helgers, bewerkten het land en de boerderij verder na het overlijden van hun vader. Na de sanering van Spaans Neerbeek verhuisden zij naar Oirsbeek. Pit woonde al enige jaren, sinds zijn huwelijk, in Wolfhagen-Schinnen.

12a. Gezin Wouters-Driessen; vader Hub, Piet, Jo en moeder An

Naast hun boerderij en ertegen opgebouwd lag de boerderij van Pér (Jan Pieter) Wouters gehuwd met Joanna Sibilla Schutgens (12) (zie boven). Van hun kinderen huwden: Sjang (Jan Hubert) met Mina (Maria Catharina) Feron (36a en b), Philip Hubert met Maria Rosalia Lemmens van de Aldenhof te Neerbeek, alwaar zij na hun huwelijk ook woonden (grootouders moederszijde van de auteur), Anna Maria met Math Bemelmans, ouders van o.a. Huub Bemelmans, juwelier in de Salmstraat te Geleen. Hun zoon Leo overleed ongeveer veertig jaar oud omstreeks 1930 evenals Marie (anna Elisabeth) die ook jong en ongehuwd in 1937 stierf. Eind jaren dertig kwam hier een jong echtpaar wonen namelijk Huub en Anna Wouters Dreessen. Huub is een zoon van Sjang en kleinzoon van Pér Wouters. Hun gezin bestond uit twee zonen (12a). Na de sanering van Spaans Neerbeek verhuisden zij naar Anna's geboorte plaats Elsloo.

SPAANS NEERBEEK / Gedachten wandeling 2

Michel Pinxt Spaans Neerbeek

17. Vader en moeder Drikske en Lieske van de Wall-Feron met hun zoon Lei voor hun nieuwe café

18. Oude café van de Wall; v.l.n.r. Hub van de Wall (overleden 1932 na een mijnongeval), kostganger, vader Drikske van de Wall, Maria Sassen, zoon Lei van de Wall, moeder Lieske van de Wall-Feron, kostganger; 1927

19. Huis Verjans-Mullens; 1961

19a. Gezin Verjans-Mullens; v.l.n.r. Pierre, Maria, Harry, Lies en Sef (Martin); moeder Fina en vader Martin

20. Boerderij Janssen-Janssen

20a. Gezin Sjang en Maré Janssen-Janssen met hun kinderen Jo, Maj, Sjeng, Lowie, Noel, Annie Willy en Hub

21. Huis Sjang Kubben, later Scheijen, met op voorgrond Wim Philips en Marietje Scheijen; 1959

21b. Pie Scheijen met echtgenoot Antenie Kubben en hun kinderen Jo (op arm), Ria en Magda; 1942-1943

Gedachten wandeling 2 Gedachten wandeling 1 Gedachten wandeling 3

16d. Hoebaer Sassen en Lei van de Wall; 1955

16. Boerderij van Hoebaer en Mina (Claes(sen)) Sassen, daarachter het huis Verjans, waarna de Keutelbeek een haakse bocht naar links maakte en verder stroomde richting Krawinkel, 1948

15c. Gezin Vranken-Clerx; v.l.n.r. Mia, Wim, moeder Jeanne, Piet, Ton, Sjaak, vader Loreng en Lucie; 1964

15. Boerderij Clerx feestelijk getooid i.v.m. priesterwijding van hun zoon Sef; Pasen 1938

14c. Huwelijk Sjang Cals en Bertha Philips; v.l.n.r. boven: Marie Kubben zuster bruidegom, Louis Philips, Fien Kubben van Genhout, broer bruidegom, Maria Kubben van Genhout, echtpaar Flachs, Juliana Beaumont, Sef Philips, Plien Kubben en Twan Beaumont; 2e rij: Maria Eussen (later gehuwd Petitjan), Pierre Kubben van Genhout, Lie Eussen, Mia Kubben, het bruidspaar, Maria Kubben, Jan Pisters uit Beek, Jet Kubben en Frans Sassen; zittend: zuster bruidegom, Pierre Philips, grootvader Pér (Pieter Frans) Kubben [1843-1930], Maria Sybilla Philips-Kubben, -, broer bruidegom, zittend voorgrond: Twan en Maria Philips, Atonie Kubben en Funs Philips; 1929

14. Boerderij Philips

13. Rechts op de voorgrond boerderij Cals

12. Boerderij Wouters

Spaans Neerbeek
Nieuwe pagina 1
© Spaans Neerbeek / Michel Pinxt / mei 2001 -